Deze midzomerwandeling is ook te vinden op Komoot. Gemaakt door Marianne Buitenhuis
Je hebt je stempelkaart gehaald bij ’t Reghthuys. Je wandeling voert je eerst naar en door de Eerste stempelpost: Grote Kerk
De Grote Kerk
In 1740 wordt begonnen met de bouw van een nieuwe kerk, de huidige Grote Kerk, op de plaats van de St. Joriskerk uit de 14e eeuw. De kerk heeft de plattegrond van een Grieks kruis, heeft een ruim middengedeelte en korte, gelijke, beuken. Tussen de beuken bevinden zich kwartronde gedeelten.

Het gebouw is opgetrokken in de zogenaamde ‘régencestijl’. Westzaan is in deze periode heel belangrijk voor de streek. Als de kerk een jaar later klaar is, prijkt het wapen van Westzaan trots op de (oost-)gevel. Het is de kerk zoals we die nu kennen, maar wel met spits en toren. Door blikseminslagen verdwijnt de spits, na verloop van tijd begint de (gotische) toren op zijn fundamenten te draaien. In 1842 wordt gestart met reparatiewerk, maar op 1 januari 1843 stort de toren in. In de toneeluitvoering Torenval is dit in de jaren ‘80 uitgebeeld. In een woning bij de kerk vinden acht mensen de dood; saillant detail: het was het enige katholieke gezin in Westzaan…
Ga langs Lambert Melisz, over de houten brug, langs Blankenburg, totdat je aan de Nauernasche Vaart komt. Ga daar linksaf langs de Nauernasche Vaartdijk, richting de sluis.
Vrouwenverdriet
Hier lag al jaren een brug die de kippenren werd genoemd, omdat het een kleine smalle brug was. Deze brug leidde het Guispad naar Haarlem. Met de aanleg van de Communicatieweg moest er een grotere brug komen voor paard en wagens en ander verkeer. Hier werd ook tol geheven. Een van de initiatiefnemers voor de aanleg van deze Communicatieweg was de fam. Avis van de Blauwselfabriek in Westzaan.
In het buurtschapje Vrouwenverdriet woonden arbeiders die de Nauernasche Vaart gegraven hebben. Als ze hun weekgeld kregen, dronken ze dat nogal eens helemaal op in het plaatselijke café. Vandaar de naam ‘Vrouwenverdriet’. Het verhaal gaat dat er een kastelein was, die dan voor een hoger bedrag afrekende met de dronken mannen…en het teveel teruggaf aan hun vrouwen, die dan toch nog over wat van het weekgeld konden beschikken.
De arbeiders werkten dus aan de Nauernasche vaart. Bij het droogmaken van de Beemster, Purmer enz. moest er een goede afwatering komen (Schermerboezem). Er liep een water genaamd Twisk, dit is verder uitgegraven van het Alkmaardermeer naar het IJ.
Na het passeren van de sluis loop je langs het natuurgebied De Reef naar Nauerna.
Natuurgebied de Reef
De Reef of Polder Westzaan, water- en natuurgebied ten westen van en evenwijdig aan Westzaan. Het water De Reef ontstond vermoedelijk tijdens de ontginningen in de middeleeuwen, als eerste in de serie Reef, wegsloot, Gouw, Middelwatering en Nieuwe Watering. Als natuurgebied is De Reef van bijzondere betekenis als broedterrein en verblijfplaats van vogels.
Kijk tijdens het wandelen naar Nauerna eens naar rechts en naar links: het niveau van het landschap is heel verschillend, het landschap zelf ook. Rechts is een grasland, hoger gelegen, land voor vee, zo groen als een biljartlaken. Links is veel lager gelegen, oneffen, rommeliger, een natuurgebied en heerlijk voor de weidevogels.
Aan het einde van het pad langs de vaart ben je bij Nauerna.
Nauerna
Nauerna bestond als buurtschap al in de zestiende eeuw, waarbij het Westend als het oudste deel wordt beschouwd. In 1595 bestond de Bloksloot al, met een schutsluisje en kwam de Reef op het IJ uit via een uitwateringssluisje. In de glorietijd bezat het gebied van Nauerna zeven molens, met naam bekend. De sluis bij Nauerna heet ook Schermersluis.

Er zijn vele dijkdoorbraken geweest en die zijn in het landschap nog goed te zien. Er waren heel veel grote overstromingen; pas met het bouwen van de Afsluitdijk is dit niet meer gebeurd. Rechts, buitendijks stroomde het oer-IJ. Hier is duidelijk te zien hoeveel land er gewonnen werd door middel van het graven van het Noordzeekanaal en het inpolderen van de IJpolders.
We steken de weg over (let op het mogelijke verkeer!) en gaan beneden aan de dijk linksaf weer richting Westzaan, langs de Veldweg, onderlangs de Westzaner Zeedijk met de steenglooiing uit 1745. Je komt langs een paar boerderijen, langs een wild bosje, dat eens een park moet worden en tegen het einde zie je aan je rechterhand de Justitiële Inrichting Zaanstad. Loop door langs de huizen tot aan een pad omhoog, naar de tweede stempelpost: Westzaan-Zuid, Overtoom 61, let op de bordjes!

Overtoom
De naam Overtoom verwijst naar een historische techniek om schepen over een dam of dijk te trekken van het ene naar het andere water. Vóór de uitvinding van de schutsluis was dit de enige manier om een peilverschil te overbruggen. Het woord is opgebouwd uit twee delen:
Over: Het verplaatsen naar de andere kant.
Toom: Een oud woord voor een lijn, touw of teugel (waar ook ‘in toom houden’ vandaan komt).
Neem de moeite om na het halen van de stempel niet direct het Zuideinde op te gaan maar loop even door naar de sluis.
De Westzaner Overtoomsluis in de Westzaner Overtoom (vooral bekend van de aankomst van Sinterklaas) is herbouwd in 1719. Het is onbekend wanneer de eerste sluis op deze plaats gebouwd is. De sluis is in drie niveaus tegen het talud van de dijk aangebouwd. Het buitensluishoofd ligt op kruinhoogte van de dijk en bevat de buitenschutdeuren en een vaste brug. Tussen het buitensluishoofd en de schutkolk bevinden zich deurkassen van de voormalige tussendeur. Op kolkhoogte zijn de binnendeuren aangebracht, met daarbij de loopbrug. Het front van het binnensluishoofd ligt nog één niveau lager. De bovenzijden van de sluiswanden zijn tussen de drie niveaus tot vaste trappen vermetseld. Daar in het water drijft een bak, onderdeel van een onderzoek door de Wageningen universiteit. Men is bezig te tellen hoeveel glasaaltjes vanuit de Sargassozee hier de polder in zwemmen om te groeien.
Vanaf de stempelpost ga je weer linksaf Westzaan in.
Houthandel Rote
Aan je rechterhand was ooit een houthandel. Alle houtloodsen op de foto zijn nog omgeven door water. Het transport van en naar de houtloodsen ging meestal over het water. Het hout werd aangevoerd via de houthaven van Zaandam of via de nabijgelegen haven van Westzaan. Het complex van v/h P. Rot lag direct achter de Overtoomsluis.

De monumentale houtloods is de loods linksonder op de foto, direct achter het Zuideinde en aan de Dijksloot.
Loop een klein stukje linksaf de Groene Jagerstraat in.
Groene Jagerstraat:
Stop even bij een kleine protestantse kerk, met architectuur van de Amsterdamse school en daarachter nog enkele karakteristieke arbeiderswoningen van een wooncorporatie, jaar 1918. De toren is betaald door de familie Rot van de houthandel Rot, later Rote.

Loop een klein stukje verder over het Zuideinde. Aan de rechterzijde van de weg vindt u, een klein stukje “Inverdan” de Westzaanse IJsclub Lambert Melisz.
IJsclub Lambert Melisz
De IJsclub heeft een prachtig Schaatsmuseum dat zeker op een ander tijdstip de moeite van het bezoeken waard is. Het schaatsmuseum Lambert Melisz is gevestigd op het terrein van de ijsclub. Het museum is in Zaanse stijl gebouwd door een klein groepje vrijwilligers. De collectie bestaat uit diverse soorten schaatsen, waaronder o.a. de Breinermoors, Wieger de Salis, West Frieses chaatsen en ook zgn. Koninginne-schaatsen en – een top stuk: een paar zwaantjes-schaatsen. Ook zijn er een tiental sleeën in het museum
Tachtigjarige Oorlog in de Zaanstreek en de legende van Lambert Melisz
Omdat het Spaanse leger zich in Assendelft gevestigd had, vestigde het Staatse leger (het leger van Willem van Oranje) zich in het nabijgelegen Westzaan. Samen met de Vrijbuiters (Zaankanters die zichzelf hadden verenigd om te vechten tegen de Spanjaarden) probeerden zij de omliggende dorpen tegen de Spaanse furie te verdedigen. De Westzaners voelden zich veilig met een troepenmacht in hun midden. Maar in de nacht van 19 op 20 februari 1574 veranderde alles. Het had de afgelopen dagen zo hard gevroren dat het Spaanse leger kans zag zich snel over de slootjes en wateren te bewegen en het gebied te overmeesteren. In de vroege ochtend van 20 februari naderde het Spaanse leger Westzaan. De Staatse soldaten verzamelden zich bij de kerk. Daar merkten ze dat hun bevelhebber ontbrak. De moed zakte hen in de schoenen en zij zochten allen een veilig heenkomen. Nu de vijand vrij spel had moesten ook de inwoners hals over kop vluchten. Hen was bekend dat de Spanjaarden grof geweld niet schuwden. En na de recente nederlagen was dat brute geweld alleen maar toegenomen. Wie in Westzaan bleef kon rekenen op een wrede dood.
De tocht van Lambert Melisz
Ook Westzaner Lambert Melisz besloot te vluchten, maar zijn moeder was slecht ter been. Hij wilde haar niet achterlaten ondanks argumenten van zijn moeder dat de Spanjaarden zo’n oude dame niets zouden doen. Hij zette zijn moeder op een geïmproviseerde slee, wikkelde een paar dekens om haar heen en trok haar over het ijs voort. Net op weg zag hij in de verte een groepje mannen hun richting opkomen. Het waren Spanjaarden. Snel verstopte Lambert zich tussen het riet, maar moest zijn moeder op het ijs achterlaten. Vanuit zijn schuilplek zag hij de Spanjaarden op zijn moeder aflopen. Ze waren uit op goederen en waardevolle spullen, maar onder de dekens vonden zij alleen de oude vrouw. De soldaten lieten de vrouw met rust en dropen af. Lambert kwam weer tevoorschijn en zette zijn reis voort, over het ijs van de Zuiderzee, helemaal richting Hoorn

Loop verder langs het Zuideinde tot aan de derde stempelpost: Zuidervermaning
De Zuidervermaning
Na de Reformatie (1580) was het alleen aan gereformeerden voorbehouden een zichtbaar godshuis te hebben. De doopsgezinden hielden hun bijeenkomsten in een onopvallende schuur of woning. Naar de leraar of vermaner werd hun vergaderplaats een vermaanhuis of vermaning genoemd. In oktober 1731 was de huidige Zuidervermaning gereed, die nu nog steeds, compleet met wit zand op de houten vloer, te bewonderen is. Dit zand was bedoeld om de kans op brand in het vrijwel volledig houten gebouw te verkleinen, om vuil op de vloer makkelijker te kunnen verwijderen én hierdoor namen de houten vloerplanken niet te veel water van de uiterst vochtige bodem op. Er gaan ook geruchten dat je door het vlak getrokken zand eventueel bokkenpootjes kon zien, als de duivel langs geweest was….

Voort gaat het weer, het Zuideinde gaat over in de JJ Allanstraat. Daar vind je op nr. 127 de vierde stempelpost: Dorpshuis De Kwaker
De Kwaker

Het Dorpshuis De Kwaker in het midden van het dorp heeft een bijzondere geschiedenis. Na de bouw werd het bedrag voor de inventaris door de bevolking van Westzaan d.m.v. allerlei acties bijeengebracht. Eigenlijk vaste prik: als je in Westzaan kwam wonen, werd je Vriend van de Kwaker en lid van de IJsclub. In 2006 ging de stichting Welsaen failliet en werd de stichting opgericht en voelt het voor de Westzaners als ‘van ons’. Vele verenigingen vinden hier een “thuis”.
Na De Kwaker loop je langs de JJ Allanstraat verder, over de brug bij Davidson (aan je linkerhand de gerestaureerde garage) en aan je rechterhand de Dolphijnstraat die naar de begraafplaats leidt.
Molens
De molengeschiedenis van Westzaan is onlosmakelijk verbonden met de Zaanse industrie. Al vanaf het einde van de 17e eeuw stonden er tientallen molens in het dorp die werden ingezet voor uiteenlopende doeleinden, van het zagen van hout en pellen van gort tot het maken van papier. De molens waren de motoren van de lokale economie.

Aan de rechterkant van de straat vlak voor de Weelbrug ziet u de aanwijzing: “Naar de molen 6 minuten gaans”. Via het Relkepad naast de kikkersloot komt u via de klaphekken en het weiland bij de molen het Prinsenhof. Een mooie wandeling voor 12 september tijdens het Culturele Openingsweekeinde in Westzaan. Voor nu gaan we gewoon door: Over de Weelbrug de Kerkbuurt in, helemaal aan het einde ben je bij de vijfde stempelpost en finish: ’t Reghthuys
’t Reghthuys
Het gebouw is opgetrokken als vervanger van een uit 1641 daterend Rechthuis dat, afgaande op de summier uitgevoerde tekeningen, verwantschap vertoonde met de renaissance raadhuizen zoals b.v. in Jisp en Graft bewaard zijn gebleven. Nadat het nieuwe Reght Huys gereedgekomen was, werd het oude, bouwvallige rechthuis in 1783 afgebroken. ‘t Reght Huys heeft haar oorspronkelijke functies zijnde Rechtbank, secretariaat voor de weeskamer en het ijkwezen, niet lang uitgeoefend (1783-1811).

In ‘t Reght Huys werd alleen civielrecht gesproken (vrouwe justitia is niet geblinddoekt) en geen strafrechtelijk recht (vrouwe justitia is wel geblinddoekt). Vanaf 1816 tot aan de samenvoeging van de gemeenten Westzaan, Zaandam, Koog aan de Zaan, Zaandijk, Krommenie en Assendelft in 1974 tot de gemeente Zaanstad, heeft ‘t Reght Huys als raadhuis voor de gemeente Westzaan dienstgedaan.
Het polderbestuur, mede-eigenaar van ’t Reght Huys, heeft tegen een som geld (Hfl. 2541,–) afstand gedaan van haar rechten op het gebouw. In september 1820 wilde ditzelfde polderbestuur overigens het ’t Reght Huys afbreken, de Gouverneur des Konings, van Tets van Goudriaan deed echter een geslaagde poging (via een bemiddelingsvoorstel) om het gevaar van sloop af te wenden. Het gebouw is het hart van de Kerkbuurt en je kunt er niet om heen, maar je moet er wel omheen!
Café De Reef, vh De Prins is open! Neem een welverdiend drankje op het terras!